Reactie op CTIVD weigering van mijn FORMAL NOTICE OF INSTITUTIONAL FRAUD

Copyrights by Hans Smedema on this whole True Crime Legal-Blog!

Reactie op CTIVD weigering van mijn FORMAL NOTICE OF INSTITUTIONAL FRAUD

Hier de CTIVD weigering:

Gmail – RE_ FORMAL NOTICE OF INSTITUTIONAL FRAUD, COMPLICITY IN TORTURE, AND DEMAND FOR BINDING INVESTIGATION

Hier in een pdf mijn reactie daarop en vervolgens de tekst:

Formal Objection to CTIVD Regarding Institutional Fraud and UNCAT Escalation

Nederlandse tekst

Aan:Commissie van Toezicht op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten (CTIVD) 

Afdeling Klachtbehandeling

T.a.v. mevrouw A. Stehouwer

Postbus 855562508 CG Den Haag

E-mail: [email protected]

 

Van:Ing. Hans Smedema B.Sc.

Carrer Manuel de Falla 4 – 2B

ES 03581 Alfaz del Pi, Alicante, Spanje

E-mail: [email protected]

Datum: 14 april 2026

Onderwerp: Formeel bezwaar tegen weigering klachtbehandeling / Bevestiging uitputting nationale rechtsmiddelen (UNCAT)

Referentie: Uw e-mail d.d. 13 april 2026 inzake ‘FORMAL NOTICE OF INSTITUTIONAL FRAUD’

Geachte mevrouw Stehouwer,

Hierbij bevestig ik de ontvangst van uw e-mail d.d. 13 april 2026, waarin u weigert mijn formele klacht en eis tot een bindend onderzoek in behandeling te nemen. U beroept zich hierbij op twee procedurele gronden: een vermeende verjaringstermijn van één jaar en de stelling dat de CTIVD slechts een ‘tweedelijns’ klachtbehandelaar is, waardoor ik mij eerst tot de minister van Binnenlandse Zaken (BZK) zou moeten wenden.

Beide argumenten zijn in deze specifieke casus juridisch en feitelijk onhoudbaar, getuigen van institutionele tunnelvisie, en bevestigen de actieve obstructie van de rechtsgang door de Staat der Nederlanden.

Ik wijs uw afwijzing dan ook categorisch van de hand op de volgende gronden:

  1. Onjuiste toepassing van de wettelijke escalatieladder (Wiv 2017 uitzonderingsgrond)

Uw stelling dat ik mij eerst tot de verantwoordelijke minister (BZK of Justitie) moet wenden, negeert een expliciete wettelijke uitzondering. Onder de geldende kaders (waaronder de Wiv 2017) kan een klacht of melding van een misstand rechtstreeks bij de CTIVD worden ingediend indien in redelijkheid niet van de klager kan worden gevergd dat hij deze eerst bij de minister meldt.

Mijn klacht behelst een institutionele doofpotaffaire en een ‘Cordon Sanitaire’ op het allerhoogste niveau, waarbij voormalig Secretaris-Generaal van Justitie Joris Demmink en de inlichtingendiensten zelf de hoofddaders zijn in het orkestreren van de doofpot. Het is een volstrekte juridische absurditeit en volkomen onredelijk om van een slachtoffer te eisen dat hij zijn klacht over institutionele fraude en staatsterreur eerst indient bij de ministeries en autoriteiten die zelf de hoofddaders en medeplichtigen in deze samenzwering zijn. U verlangt hiermee dat de slager zijn eigen, bedorven vlees keurt.

  1. Onjuiste toepassing van verjaring: Sprake van een Voortdurende Onrechtmatige Daad

Uw stelling dat de feiten zijn verjaard (“ouder dan één jaar”), is een miskenning van de juridische realiteit van deze zaak. De klacht richt zich niet uitsluitend op historische misdrijven uit 1972, maar op de voortdurende onrechtmatige daad (ongoing wrongful act) en het voortdurend delict van de Nederlandse Staat: de actieve, continue belemmering van de rechtsgang, de weigering tot onderzoek en de onafgebroken ‘institutionele gaslighting’.

Deze obstructie is geen geschiedenis; zij vindt vandaag de dag nog steeds plaats. Denk hierbij aan de recente definitieve weigeringen van het Ministerie van Justitie op 4 februari en 13 november 2025, en de recente weigeringen van de Nationale Ombudsman. Zolang de Nederlandse Staat (en nu ook uw afdeling) nalaat om gedocumenteerde, geloofwaardige meldingen van marteling en fraude onpartijdig te onderzoeken, pleegt de Staat dagelijks een nieuwe schending. Verjaring is derhalve rechtens niet aan de orde.

  1. Voorkennis bij de CTIVD (Hoorzitting 29 april 2008)

Ik herinner u eraan dat het dossier reeds in uw archieven ligt. Op 29 april 2008 ben ik tijdens een officiële hoorzitting in Den Haag gehoord door CTIVD-rechter mr. I.P. Michels van Kessenich-Hoogendam en medewerkster Hilda. Tijdens die zitting wees ik in drie seconden Joris Demmink aan als dader. De reactie van de CTIVD-vertegenwoordigers destijds was de schokkende uitspraak: “maar die helpt jullie juist!”. De CTIVD is derhalve al jarenlang op de hoogte van de realiteitsinversie en de vervalste dossiers binnen de AIVD, en weigert tot op heden hier bindend tegen op te treden.

  1. Bevestiging van de Kafkaëske Val en escalatie naar UNCAT

Door u vast te klampen aan procedurele drogredenen en te weigeren de inhoudelijke kern van de institutionele fraude te onderzoeken, bevestigt de afdeling Klachtbehandeling van de CTIVD de absolute onmogelijkheid om binnen Nederland recht te halen.

Ik beschouw uw e-mail van 13 april 2026 dan ook als de ultieme en definitieve uitsluiting van nationale rechtsmiddelen. Met deze afwijzing heeft de CTIVD exact het formele bewijs geleverd dat nodig was voor het VN-Comité tegen Foltering (UNCAT). Het toont onomstotelijk aan dat binnenlandse rechtsmiddelen in Nederland “onredelijk worden verlengd” en structureel “ineffectief” en “onbeschikbaar” zijn (conform Artikel 22 lid 5 sub b van het VN-Antifolterverdrag).

Uw afwijzingsbericht zal vandaag direct als nieuw en zwaarwegend bewijsstuk worden toegevoegd aan mijn lopende individuele klacht WUR_25656 bij het VN-Comité tegen Foltering en Hoge Commissaris voor de Mensenrechten (UNHRC) als onweerlegbaar bewijs van ‘exhaustion by futility’.

Ik verwacht geen verder antwoord van uw kant, daar uw standpunt helder is en de medeplichtigheid van het Nederlandse controleapparaat aan de instandhouding van deze doofpot hiermee voor het internationaal recht definitief is gedocumenteerd.

Hoogachtend,

 

Ing. Hans Smedema B.Sc.